En in alle landen buigen de dichters zich over hun schrijftafels en schrijven hetzelfde gedicht. Ze weten dat niet van elkaar. Wisten ze het wel, ze zouden een ander gedicht schrijven, precies hetzelfde andere gedicht.
De wereld ligt aan alle kanten onder vuur: marcherende horden... Meer
En in alle landen buigen de dichters zich over hun schrijftafels en schrijven hetzelfde gedicht. Ze weten dat niet van elkaar. Wisten ze het wel, ze zouden een ander gedicht schrijven, precies hetzelfde andere gedicht.
De wereld ligt aan alle kanten onder vuur: marcherende horden, incapabele leiders, aardbevingen en andere rampen. Ouders sterven, ziektes slaan toe – voor velen voelt het als een soort tijdsbreuk, een persoonlijk gevoel van eindtijd. Maar Boog vraagt ons: is dat wel zo?
Steeds koortsachtiger spoedt Een hurkend dier zich naar het moment dat eindelijk iedereen een envelop in handen heeft, met daarin ieders einde. Wie opent de envelop, wie laat hem gesloten?