BOEKEN

BOEK

Een dag om aan de balk te spijkeren

Een dag om aan de balk te spijkeren

Rinus Spruit

Maarten Rietgans streeft naar het allerhoogste. Hij moet meer presteren dan zijn omgeving, anders gaat hij, de meest schuchtere mens van Zeeland, ten onder.

Na het overlijden van zijn moeder ontvlucht hij het Zeeuwse platteland. Hij meldt zich als leerling-verpleegkundige bij een Rotterdams ziekenhuis, en slaagt daar glansrijk – maar neemt dan ontslag omdat hij zich niet geliefd voelt bij zijn collega’s en bij elke vorm van erkenning vlucht. Of hij nu als bankbediende, fotograaf, buschauffeur of meteropnemer werkt. Zijn vader, een kleine landbouwer, begrijpt er niets van. ‘Jongen, jongen, jongen, jongen.’ Waarom houdt Maarten nooit iets vol?

In de liefde gaat het hem al niet beter af. Hoewel hij wekelijks reacties krijgt op zijn veelvuldig geplaatste contactadvertenties, keurt hij het overgrote deel van de vrouwen bij voorbaat af – een enkele spelfout kan al fataal zijn voor een toekomstige ontmoeting.

Zijn zoektocht naar werk, een vrouw, een groots en meeslepend leven én een rustig bestaan is afwisselend ontroerend, aandoenlijk en komisch. Net als vader Rietgans schudde wij het hoofd: ‘Jongen, jongen, jongen, jongen.’ Maar als geboeide lezers, altijd met een glimlach.

Ook leverbaar als eboek

   

Jongste bediende Maarten Rietgans was op het kantoor van de Boerenleenbank hele dagen sprakeloos. Hij zei nooit iets, alleen als men hem wat vroeg gaf hij antwoord.

De meisjes op de bank waren eraan gewend geraakt, ze zagen hem als een soort huisdier, ze zouden hem missen als hij er niet meer was. Elke morgen fietste Maarten vijftien kilometer van zijn ouderlijk huis in Zevenkoten naar de Boerenleenbank in Goes. Hoe het kwam wist hij niet maar vrijwel iedere morgen ging hij te laat van huis weg en moest hij zich een ongeluk fietsen om op tijd op kantoor te zijn.

Maarten was zeventien jaar en kon hard fietsen. Hij passeerde andere fietsers alsof ze stil stonden, soms pikte hij aan achter een brommer. Een paar keer overkwam het hem dat hij een paar minuten voor negen bij het binnenrijden van Goes voorbij gereden werd door meneer Zeevaart in z’n Mercedes. Dan schrok Maarten en deed hij er nog een schepje bovenop. Elke keer weer kreeg hij het voor elkaar om kletsnat van het zweet achter zijn aflegbakje plaats te nemen net voor het moment dat meneer Zeevaart het kantoor binnentrad om zijn personeel goedemorgen te wensen.

Meneer Zeevaart was directeur van de Boerenleenbank en zat achter een glazen wand zodat hij zijn personeel goed in de gaten kon houden. Verder werkten er op de bank nog een onderdirecteur, een kassier en vier jongedames voor de administratie. Als meneer Zeevaart zijn personeel een opdracht wilde geven deed hij dat sinds kort door middel van intercom, dat was iets nieuws. Hij bracht zijn vlezige gezicht naar het kastje op zijn bureau toe, drukte op de toets van de medewerker die hij op het oog had en sprak zijn boodschap in.

De meisjes in het kantoor schrokken altijd danig als plotseling de zware stem van hun directeur van hun bureau opklonk, maar vermanden zich: ‘Het is goed meneer Zeevaart, ik ga het voor u halen meneer Zeevaart, komt in orde meneer Zeevaart.’
Jongste bediende Maarten Rietgans had ook een intercomkastje op zijn bureau staan. Als meneer Zeevaart plotseling vanuit het kastje begon te spreken verstarde Maarten. Hij ging staan, richtte zich tot het kastje, deed happend naar adem een poging meneer Zeevaart antwoord te geven maar was niet in staat geluid voort te brengen. Vervolgens haastte hij zich om de opdracht van zijn directeur uit te voeren, wetend dat de meisjes achter zijn rug zaten te gniffelen.

Maarten zag zichzelf zoals de meisjes hem zagen. Hij schaamde zich ervoor, schaamde zich voor zichzelf. Maar hij was niet bij machte iets aan zijn gedrag te veranderen. Het meest geliefde werk van jongste bediende Maarten Rietgans was het opbergen van de bescheiden uit het aflegbakje. Alles zodanig opbergen dat het onmiddellijk weer terug te vinden was. Systeempjes bedenken, ordners en mappen maken. Ze hoefden maar te vragen ‘Maarten, waar vind ik de lijst met de uitgelote obligaties van de maand januari?’ en hij kon hem onmiddellijk opdiepen. En elke morgen was het aflegbakje weer gevuld met nieuwe post.

Verscheidene malen per week liep Maarten met grote sommen geld door de stad. Hij moest dan cheques verzilveren bij andere banken zoals de Amsterdamse Bank, de Twentsche Bank, de Rotterdamse Bank en de Bank voor Zeeland. De lokettisten telden het geld voor hem uit maar Maarten kon het nooit bijhouden, het ging te vlug. Bovendien gingen onmiddellijk nadat de lokettist met tellen was begonnen zijn gedachten op de vlucht. Hij zag de briefjes van honderd en duizend aan zijn ogen voorbijvliegen maar had geen idee of het eindbedrag klopte.

Met zijn tas van kunstleer, gevuld met het kolossale geldbedrag dat hij bij de vier banken had geïncasseerd, liep hij terug naar de Boerenleenbank. Met angst in het hart ging hij het kantoor binnen en stapte op meneer Dieleman, de kassier af. Zou het er wel zijn, zou het eindbedrag kloppen? Voor hij met het tellen van de stapel bankbiljetten begon, keek meneer Dieleman Maarten altijd enigszins zorgelijk aan en dat deed Maartens zelfvertrouwen geen goed.

Dieleman maakte stapeltjes van de briefjes van duizend, honderd, vijfentwintig en tien en begon te tellen. Hij schreef de bedragen op een stuk papier en maakte de finale optelsom. Daarna keek hij Maarten, die met het zweet in z’n handen stond, aan en zei ernstig en met een uitdrukking van schrik op zijn gezicht: ‘Het is er maar net!’ Elke keer zakte Maarten weer door de grond en bij Dieleman, die anders nooit lachte, krulde een glimlach om zijn lippen.

Pas dan drong het tot Maarten door, het is goed, het is er maar net, dus is het goed, het hoeft er ook maar net te zijn. Opgelucht liep hij naar zijn bureau, nam plaats achter de adresseermachine, schoof een metalen ponsplaatje in het apparaat en begon adressen te slaan. Met flinke klappen stempelde hij adressen van cliënten op dagafschriften. Sloeg je te hard dan werd het adres te zwart, te vettig. Sloeg je te zacht dan was het nauwelijks leesbaar. Ferme, droge tikken gevend legde Maarten een mooie voorraad dagafschriften aan, die konden de meisjes gebruiken voor de boekhouding. Opgaan in je werk, dat was nog het beste. De wereld om je heen vergeten.

’s Avonds na zijn werk fietste Maarten wat rustiger naar huis terug. Als hij het ouderlijk huis binnenstapte was zijn moeder meestal bezig met eten koken. Vader Rietgans was dan nog op het land bezig maar kon elk moment thuiskomen.
Tijdens het eten zaten Maartens vader en moeder tegenover elkaar. Maartens plek was aan de lange kant van de keukentafel. Vader Jan Rietgans keek tijdens het eten vaak door het raam naar buiten, dan kon hij zien hoe zijn gewassen erbij stonden. Hij was een grote eter en had altijd als eerste zijn bord leeg. Dan hield hij zijn lege bord op, moeder Rietgans wist dan wel wat ze er op moest scheppen. Soms strekte Rietgans zonder wat te zeggen zijn arm uit over tafel en dan stopte moeder Rietgans het zoutvat in zijn halfgeopende vuist.

Vader en moeder Rietgans waren er trots op dat hun zoon op de Boerenleenbank werkte. Van zijn verlegenheid op de bank wisten ze niets af, daar praatte hij niet over.

‘Wat heb je zoal gedaan vandaag, Maarten?’ vroeg zijn vader.
‘Ik heb rolletjes gemaakt van kwartjes en dubbeltjes,’ zei Maarten. ‘Daar heb ik een apparaatje voor. Om kwartjes gaat een groene wikkel en om dubbeltjes een blauwe.

Ik ben ook nog de stad in geweest om sigaren te kopen voor de heren van het bestuur. En ik heb de kaarten teruggezet van de rekening courant en van de spaarbank. Heel veel mensen in Zevenkoten hebben een spaarrekening bij de Boerenleenbank,’ ging hij verder, ‘en van allemaal kan ik zien hoeveel geld ze op hun boekje hebben. Sommige mensen hebben veel meer dan je zou verwachten. Ik kan je zo vertellen hoeveel geld Thijs Kakebeke op z’n boekje heeft.’

Jan Rietgans spitste zijn oren, het spaartegoed van zijn buurman liet hem niet onverschillig, maar moeder Rietgans zei vlug: ‘Nee, Maarten, dat willen wij niet weten, daar hebben wij niets mee te maken. Je moet daar nooit iets over vertellen, dat kan je je baan kosten.’
‘Pas op hoor!’ zei Rietgans. ‘Dat is bankgeheim, dat weet je toch wel!’


Download het fragment als PDF

'De kracht van deze fraaie roman schuilt opnieuw in de sobere, sensitieve stijl, en in de zelfspot van antiheld Maarten. Spruit maakt poëzie van het gewone.' - de Volkskrant ****

'Reviaanse sferen. Zwaarmoedig en tragisch, maar ook met humor. Het is allemaal zo mooi beschreven dat het niet zwaar of sentimenteel aanvoelt.' - Elsevier

'Met veel plezier gelezen. Zal ook voor vele Zeeuwen zeer herkenbaar zijn.´ - Oek de Jong

'Een heel mooi, bijzonder boek.' - Wim Brands in VPRO Boeken

'Spruit schrijft fijngevoelig, poëtisch. Ondanks alle onvermogen is zijn boek een juweeltje om te lezen. Ook zijn liefde voor het platteland is onmiskenbaar. Zelf trekt me vooral de liefde voor zjn ouders die beschreven is in woorden om in te lijsten. Soms ervaar je als lezer zoiets als de schapen die midden in het Zeeuwse landschap stokstjf starend stilstaan en zelfs ophouden met kauwen.' - Reformatorisch Dagblad

'Hoofdpersoon Maarten Rietgans zit vol ambitieuze plannen en doet in zijn drang naar roem aan Kees de Jongen denken. De stijl kenmerkt zich door een mix van melancholie en humor. De melancholie zit hem in de observaties die Maarten doet in combinatie met de manier waarop die worden opgeschreven. Te midden van de zwaarmoedigheid trakteert Rinus Spruit zijn lezers op humor. Spruit begon pas laat met schrijven maar dat doet er niet toe. Als hij maar blijft schrijven. Adem diep in, die heldere Zeeuwse lucht en schrijf, alsjeblieft.' - Nederlands Dagblad

'Het taalgebruik is eenvoudig maar zeer effectief. Maarten doet sterk denken aan de schlemiel in het werk van Frans Pointl en de sfeer is vergelijkbaar met die in de romans van Gebrand Bakker. Aan de balk spijkeren niet uit onvrede, zoals men van deze deeltijd sombermans wellicht zou verwachten. Een mooie dag juist, die het waard is om in herinnering te houden, net zoals deze aandoenlijke roman.' - Literatuurplein.nl

'Soms lachwekkend, soms triest, soms beide. Spruit schrijft fijngevoelig, poëtisch. Ondanks alle onvermogen is zijn boek een juweeltje om te lezen. Soms ervaar je zoiets als de schapen die midden in het Zeeuwse landschap stokstijf starend stilstaan en zelfs ophouden met kauwen.' - Boekblad

'Soms lees je iets heel bijzonders.. Wat een pareltje!' - Boekhandel Los ‏@boekhandellos

'De auteur weet Maarten Rietgans in al zijn dimensies tot leven te wekken. Spruit beschikt over een bijna ouderwetse, maar trefzekere stijl en een groot psychologisch inlevingsvermogen.' - Noordhollands Dagblad ***

'Een melancholieke lofzang op het bestaan. Naast het menigmaal tranentrekkende relaas over de vader-zoonverhouding trekt Spruits schildering van boerenland en boerenleven de aandacht.' - Het Financieele Dagblad

'Spruit laat in zijn roman zien dat hij als schrijver ook zwaarwichtige thema's aankan. Een dag om aan de balk te spijkeren is daarvan het concrete bewijs.' - Fries Dagblad

'Wat een prachtig oer-Nederlands verhaal, dicht op de huid door de herkenbaarheid. Ook de rol van de vader van Maarten vind ik prachtig neergezet, hij houdt onvoorwaardelijk van zijn zoon. Een Cossee-boek waardig.' - Véronique Miegielsen, Boekhandel Van Kemenade & Hollaers filiaal Heksenwaag, Breda

'Soms lachwekkend, soms triest, soms beide. Spruit schrijft fijngevoelig, poëtisch. Ondanks alle onvermogen is zijn boek een juweeltje om te lezen.' - Boekhandel De Boekenmolen, Meliskerke

'Een dag om aan de balk te spijkeren is een boek over een moeilijke man, moeilijk voor zichzelf en voor anderen, verteld in een prachtige stijl waarin vooral de verhouding met de vader, zijn tegenpool, prachtig wordt beschreven. Schijnbaar moeiteloos heeft Spruit het allemaal vastgelegd in Een dag om aan de balk te spijkeren. Maar bij nadere beschouwing is het zeer knap gedaan.' - Literair Nederland

'Eigenlijk weet ik niets van boerenzonen. Het is, denk ik, daarom dat mijn mond tijdens het lezen van Een dag om aan de balk te spijkeren regelmatig is open gevallen van bewondering. Rinus Spruit, die eerder een mooi boekje schreef over zijn vader die rietdekker was, portretteert in deze roman Maarten Rietgans, de zoon van een keuterboer, die bang is voor vrouwen.' - Wim Brands in VPRO Gids

'Hoe Spruit de sfeer van de akkers beschrijft waarop zijn vader werkt, een vader bovendien, die het écht belangrijk vindt dat zijn zoon nu eens een leuk vriendinnetje vindt. Dat vond ik ontroerend.' - Boekblad.nl

'Een dag om aan de balk te spijkeren is geen zwaarmoedig boek. Rinus Spruit heeft zijn hoofdpersonage met humor beschreven en de toon is tamelijk lichtvoetig. De gesprekken tussen vader en zoon Rietgans zijn bij vlagen ontroerend en doen denken aan Boven is het stil van Gerbrand Bakker, vanwege de setting en toon van het verhaal.' - Java Bookshop

‘Een fraai boek dat ik met zeer veel plezier heb gelezen en zeker aan onze klanten zal aanraden. Sober van stijl maar met een groot inlevingsvermogen, schets Spruit een liefdevol, tragikomisch portret van een boerenzoon met 12 ambachten en dertien ongelukken. Soms wordt het je als lezer bijna te veel  en hoop je op een wonder voor onze goddelijke loser maar nee, toch weer mis. En verloopt het leven zoals het verloopt. 'Jongen, jongen jongen', zou zijn vader zeggen.’ – Boekhandel de Dolfijn

Rinus Spruit in de serie Schrijvers en hun geboortegrond

Rinus Spruit werd in 1946 geboren in het Zeeuwse Nieuwdorp. Hij werkte als verpleegkundige en journalist, voordat in 2009 zijn debuut 'De rietdekker' uitkwam. Een autobiografische roman over een rietdekkersfamilie.

Bron: NPOWetenschap.nl

Blogrecensie van Een dag om aan de balk te spijkeren

De toon van het verhaal is dan ook wat droevig, Maarten tobt wat af. Maar het levert wel een prachtige, zeer leesbare roman op. Het Zeeuwse landschap, waaronder de Westerschelde, spelen een mooie rol in Een dag om aan de balk te spijkeren. Maarten Rietgans is een intrigrerend figuur en zijn verhouding tot zijn vader is interessant. De schrijver gebruikt iets meer dan 200 pagina’s om ruim dertig levensjaren te vertellen, dat hadden er wat mij betreft meer mogen zijn.

Bron: Ingeleest.nl

De boekenkast van Rinus Spruit

Rinus Spruit (Nieuwdorp, Zuid-Beveland, 1946) werkte onder andere bij een bank en als verpleegkundige en journalist. Onder de naam Jan Rietgans schreef hij een jaar of twintig geleden een column in Het Nieuwsblad van de Bevelanden. De naam Rietgans keert terug in zijn recent verschenen eerste roman, Een dag om aan de balk te spijkeren, over de verlegen boerenzoon Maarten Rietgans die er niet in slaagt een baan naar zijn zin te krijgen en een vrouw te vinden. Het is een boek waarin de liefde voor het Zeeuwse land doorklinkt, zoals dat ook al het geval was in Spruits debuut De rietdekker.

Bron: DeBoekensalon.nl

Rinus Spruit bij VPRO Boeken

Rinus Spruit vertelt over 'Een dag om aan de balk te spijkeren'. Hoofdpersoon Maarten Rietgans moet meer presteren dan zijn omgeving, anders gaat hij, de meest schuchtere mens van Zeeland, ten onder. Ook te gast is filosoof Marli Huijer die pleit voor een herwaardering van disciplinering. In 'Discipline: overleven in overvloed' beschrijft zij de gevolgen van de in de jaren zestig ingezette de-disciplinering en stelt ze dat we opnieuw moeten nadenken over die verfoeide discipline.

Bron: Boeken.VPRO.nl

Wim Brands tipt Een dag om aan de balk te spijkeren

'Een boek dat groter is dan de schrijver zelf': Wim Brands tipt Rinus Spruit, met zijn boek 'Een dag om aan de balk te spijkeren'. Aanstaande zondag is Rinus bij het televisieprogramma Boeken, maar Wim vertelt alvast waarom je zijn boek moet lezen.

Bron: Boeken.VPRO.nl

Wim Brands kondigt de uitzending met Rinus Spruit aan

Wim Brands vertelt waarom je 'Een dag om aan de balk te spijkeren' van Rinus Spruit MOET lezen.

Bron: VPRO.nl

Wim Brands in VPRO Gids over de roman van Rinus Spruit

Eigenlijk weet ik niets van boerenzonen. Het is, denk ik, daarom dat mijn mond tijdens het lezen van Een dag om aan de balk te spijkeren regelmatig is open gevallen van bewondering. Rinus Spruit, die eerder een mooi boekje schreef over zijn vader die rietdekker was, portretteert in deze roman Maarten Rietgans, de zoon van een keuterboer, die bang is voor vrouwen.

Bron: Boeken.VPRO.nl

Bespreking door Java Bookshop

Een dag om aan de balk te spijkeren is geen zwaarmoedig boek. Rinus Spruit heeft zijn hoofdpersonage met humor beschreven en de toon is tamelijk lichtvoetig. De gesprekken tussen vader en zoon Rietgans zijn bij vlagen ontroerend en doen denken aan Boven is het stil van Gerbrand Bakker, vanwege de setting en toon van het verhaal.

Bron: Oost-Online.nl

Recensie op Boekblad.nl

Hoe Spruit de sfeer van de akkers beschrijft waarop zijn vader werkt, een vader bovendien, die het écht belangrijk vindt dat zijn zoon nu eens een leuk vriendinnetje vindt. Dat vond ik ontroerend.

Bron: Boekbladleest.blogspot.nl

Bespreking in Boekblad

Soms lachwekkend, soms triest, soms beide. Spruit schrijft fijngevoelig, poëtisch. Ondanks alle onvermogen is zijn boek een juweeltje om te lezen. Soms ervaar je zoiets als de schapen die midden in het Zeeuwse landschap stokstijf starend stilstaan en zelfs ophouden met kauwen.

Bron: Boekblad.nl

Recensie door Ardjan Noorland

De levenslange zoektocht van de schuchtere Maarten is tragisch en komisch. 'Een dag om aan de balk te spijkeren' schetst in een sobere stijl een aandoenlijk portret van een man met zwakheden.

Bron: Ontmoetdeschrijver.nl

Recensie op LiterairNederland.nl

Een dag om aan de balk te spijkeren is een boek over een moeilijke man, moeilijk voor zichzelf en voor anderen, verteld in een prachtige stijl waarin vooral de verhouding met de vader, zijn tegenpool, prachtig wordt beschreven. Het is ook een boek dat af en toe zelfs irritatie opwekt vanwege het moeilijke karakter van de hoofdfiguur, maar waarom ook weer onverwacht kan worden geglimlacht. Schijnbaar moeiteloos heeft Spruit het allemaal vastgelegd in Een dag om aan de balk te spijkeren. Maar bij nadere beschouwing is het zeer knap gedaan.

Bron: LiterairNederland.nl

Bespreking op Boekennieuws.nl

Het zou zo maar kunnen, dat Nederland er met Rinus Spruit een literair schrijver bij heeft.

Bron: Boekennieuws.nl

Recensie op Volkskrant.nl

De kracht van dit verhaal schuilt opnieuw in de sobere, sensitieve stijl, en in de zelfspot van antiheld Maarten. Spruit maakt poëzie van het gewone. 'Noten openen is schedellichten' , denkt Maarten als hij een walnoot opraapt onder de boom die hij met zijn vader heeft geplant.

Bron: Volkskrant.nl

Bespreking op Tzum.nl

Maarten Rietgans, de hoofdpersoon in Een dag om aan de balk te spijkeren, de tweede roman van Rinus Spruit (1946), is net als zijn schepper een echte Zeeuw. Stug, zwijgzaam, opgegroeid tussen de zwarte klei en de zwarte kousen. Rietgans senior is, om het positief te zeggen, een keuterboer. Hij bewerkt een paar minuscule lapjes grond ergens in Zeeland, maar klagen over het weer doet hij als een heuse herenboer.

Bron: Tzum.info

Rinus Spruit in de Top 5 tijdens de Week van het Zeeuwse Boek

Rinus Spruit is de onbetwiste klapper van de afgelopen maand oktober. Hij krijgt steeds meer dagen om aan de balk te spijkeren. Ik had ook niet anders verwacht. Het derde deel van de Geschiedenis van Zeeland wordt kennelijk ook heel goed verkocht. Er zijn vast veel mensen, die een cassette hebben aangeschaft en zich zo bij de groep vaste kopers hebben aangesloten. Tinka Leene blijft het onverminderd goed doen. Ze gooit bovendien hoge ogen in de strijd om de PZC-publieksprijs.

Bron: Zeelandboeken.nl

Bespreking op Literatuurplein.nl

Het taalgebruik is eenvoudig maar zeer effectief. Maarten doet sterk denken aan de schlemiel in het werk van Frans Pointl en de sfeer is vergelijkbaar met die in de romans van Gebrand Bakker. Aan de balk spijkeren niet uit onvrede, zoals men van deze deeltijd sombermans wellicht zou verwachten. Een mooie dag juist, die het waard is om in herinnering te houden, net zoals deze aandoenlijke roman.

Bron: Literatuurplein.nl

Item op Omroep Zeeland over de nieuwe roman van Rinus Spruit

Schrijver Rinus Spruit uit Nieuwdorp brengt deze week een nieuwe roman uit met de naam 'Een dag om aan de balk te spijkeren'. Het boek gaat over de moeizame zoektocht naar geluk. Hoofdpersoon Maarten Rietgans wordt omschreven als 'een reiziger in angst, een handelaar in ongenoegen'.

Bron: OmroepZeeland.nl

Blogrecensie van Een dag om aan de balk te spijkeren

De titel Een dag om aan de balk te spijkeren is een uitdrukking van de vader van Maarten: als alles meezat op een dag, dan zei hij dat, soms prees hij zo'n dag zelfs al voor het avond was. De dag waarop dit boek gepresenteerd wordt, is er ook zo één, dat durf ik nu al te voorspellen! Hoe het verhaal afloopt? Eind goed al goed? Hm, misschien, het boek eindigt in elk geval met een vette knipoog. Ik zou zeggen: zelf lezen!

Bron: Mijnboekenkast.blogspot.nl

bekroond met de Prijs van de Zeeuwse Boekhandel