BOEKEN

BOEK

De tangozanger

De tangozanger

Tomás Eloy Martínez

Bruno Cadogan heeft maar één vurige wens: ooit de stem van zijn idool live te horen. De betoverende stem van Julio Martel de tangozanger, die zo aangrijpend over de liefde zingt. Iedereen die hem hoort weet: hij zingt over míj.

Bruno Cadogan heeft maar één vurige wens: ooit de stem van zijn idool live te horen. De betoverende stem van Julio Martel de tangozanger, die zo aangrijpend over de liefde zingt. Iedereen die hem hoort weet: hij zingt over míj.

Cadogans zoektocht naar de tangozanger leidt hem langs de verhalen, feiten en mythen van Buenos Aires, het dictatoriale verleden van Argentinië en de politieke situatie van nu. De tangozanger is een roman over het zoeken naar schoonheid en waarheid, over mythen en vergane glorie, een roman even verleidelijk als de tango zelf.

   

September 2001

Buenos Aires kende ik als stad alleen uit de literatuur, tot de zachte winterochtend in 2000 waarop ik voor de eerste keer de naam Julio Martel hoorde. Kort daarvoor had ik de examens afgelegd voor een Ph.D. in de letteren aan de Universiteit van New York en nu werkte ik aan een proefschrift over de essays die Jorge Luis Borges wijdde aan de oorsprong van de tango. Het werk verliep traag en chaotisch. Ik had het kwellende gevoel dat ik slechts nutteloze pagina’s volschreef. Urenlang zat ik uit het raam te staren naar de belendende huizen in de Bowery, terwijl het leven me ontglipte zonder dat ik er vat op kon krijgen. Ik was al te veel van mijn leven kwijtgeraakt en had niet eens de troost dat iets of iemand het me had afgenomen. Een van mijn docenten had me aangeraden naar Buenos Aires te gaan, maar dat leek me overbodig. Ik had honderden foto’s en films gezien.

Ik kon me goed indenken hoe het was, de vochtigheid, de Río de la Plata, de motregen, de aarzelende wandelingen die Borges met zijn blindenstok door de zuidelijke straten maakte. Ik bezat een verzameling Baedeker-kaarten en -gidsen uit de tijd dat zijn boeken verschenen. Ik veronderstelde dat het een stad was als Kuala Lumpur: tropisch en exotisch, bedrieglijk modern, bewoond door afstammelingen van Europeanen die gewend waren geraakt aan de barbarij. Die ochtend begon ik aan een doelloze wandeling door The Village. In de Tower Records op Broadway groepten jongelui samen, maar ik bleef niet staan zoals andere keren. Bewaar je lippen voor als ik terugkom, wilde ik hun zeggen, als in het gedicht van Luis Cernuda. Vaarwel, lieve onzichtbare geliefden, / het spijt me dat ik niet in jullie armen heb geslapen.

Toen ik de universiteitsboekhandel passeerde, herinnerde ik me dat ik al een tijd de reisdagboeken van Walter Benjamin wilde kopen. Ik had ze in de bibliotheek gelezen en zin gekregen bepaalde passages te onderstrepen en in de kantlijn te schrijven. Wat zouden die verre notities, beschrijvingen van Moskou in 1926, Berlijn in 1900, me over Buenos Aires kunnen zeggen? ‘Het is niet erg wanneer je je in een stad niet kunt oriënteren,’ was zo’n zin die ik met geel wilde markeren. Boekhandelaren zetten Benjamins werk meestal in de rekken bij ‘Literatuurkritiek’. Joost mag weten waarom het nu verhuisd was naar ‘Filosofie’ aan het andere eind van de winkel, dicht bij de afdeling ‘Vrouwenstudies’. Terwijl ik recht op mijn doel afliep, zag ik Jean Franco, die op haar hurken een boek over Mexicaanse nonnen bestudeerde. Waarschijnlijk krijg ik te horen dat dit er allemaal niet toe doet, en dat is ook zo, maar ik zie liever geen enkel detail, hoe klein ook, over het hoofd.

Duizenden mensen kennen Jean en het is niet nodig dat ik nog eens herhaal wie ze is. Ze wist dat Borges Borges zou worden nog voor hij het zelf wist, vermoed ik. Veertig jaar geleden ontdekte ze de nieuwe Latijns-Amerikaanse roman toen alleen kenners van het naturalisme en het regionalisme er belangstelling voor hadden. Hoewel ik maar een paar keer bij haar thuis was geweest in haar appartement in de Upper West Side in Manhattan, begroette ze me alsof we elkaar dagelijks zagen. Ik vertelde haar in grote lijnen wat het onderwerp van mijn proefschrift was en ik geloof dat ik de draad kwijtraakte. Ik weet niet meer hoeveel minuten ik haar probeerde uit te leggen dat echte tango’s voor Borges alleen die van vóór 1910 waren, toen ze nog in de bordelen gedanst werden, en niet de tango’s die later ontstonden, beïnvloed door de Parijse smaak en de tarantella’s uit Genua. Jean was er ongetwijfeld beter in thuis dan ik, want ze diepte enkele onbetamelijke titels op die niemand zich nog herinnerde: Soy tremendo, El fierrazo, Con qué trompieza que no dentra, La clavada.* In Buenos Aires is een zonderlinge figuur die heel oude tango’s zingt, zei ze. Niet deze, maar wel zoiets. Je zou hem eens moeten horen. Misschien kan ik in de Tower Records iets van hem vinden, antwoordde ik. Hoe heet hij?

Julio Martel. Je vindt niets van hem, want hij heeft nog nooit één strofe opgenomen. Hij wil geen intermediair tussen zijn stem en het publiek. Toen ik op een avond met een paar vrienden meeging naar de Club del Vino, kwam hij trekkebenend het podium op en klampte zich vast aan een krukje. Hij loopt slecht, ik weet niet waarom. De gitarist die hem begeleidde speelde eerst, solo, een heel vreemdsoortige muziek, doortrokken van vermoeidheid. Volkomen onverwacht zette hij in. Het was ongelooflijk. Ik zweefde, en toen zijn stem eenmaal was verstomd wist ik niet hoe ik me ervan moest losmaken, hoe ik weer mezelf kon worden. Je weet dat ik gek ben op opera, Raimondi, Callas, maar de ervaring met Martel is van een heel andere orde, bijna bovennatuurlijk. Zoals Gardel, waagde ik.

'De schoonheid van Buenos Aires bestaat bij de gratie van de menselijke verbeelding en daarom is een literaire, borgesiaanse roman als De tangozanger de beste reisgids die men zich kan indenken.' - de Volkskrant

Recensie op NRCBoeken.nl

Het maakt niet uit: het magische punt is altijd hier, onder handbereik, op de bladzijde, ‘een illusie veroorzaakt door de duizelingwekkende spektakels die hij bevat.’

Bron: NRCBoeken.nl

Recensie op Nu.nl

De tango wordt universeel beschouwd als een van de sensueelste dansen ter wereld. De tango en zijn geschiedenis hebben altijd schrijvers, dichters, zangers, musici en artiesten wereldwijd geïnspireerd.

Bron: Nu.nl