BOEKEN

BOEK

De smalle grens tussen vreugde en verdriet

De smalle grens tussen vreugde en verdriet

Diverse auteurs

Ter gelegenheid van de Nacht van de Europese literatuur schreven twaalf auteurs korte verhalen en essays in de geest van Michel de Montaignes uitspraak: ‘Wij lachen en huilen om hetzelfde’.

De auteurs, van wie er zeven naar Nederland komen voor de Europese literatuurnacht, schreven vanuit hun eigen achtergronden maar overstijgen die op sublieme wijze. Ze belichten hoe wij allen worstelen met dezelfde grote kernvraag: hoe te leven?

Met bijdragen van Nicolas Ancion, Marcel Beyer, Laurent Binet, Laura Sintija Üerniauskaitė, Margot Dijkgraaf, Constantin Gottfert, Nihan Kaya, Etgar Keret, Gustavo Martín Garzo, Marja Pruis, Jáchym Topol, Krisztina Tóth en Christophe Vekeman.

   

De mens is een vat vol tegenstrijdigheden. Wat ons vandaag cruciaal lijkt, kan ons de volgende week futiel schijnen. Wat ons nu razend maakt, kan ons straks onverschillig laten. Niets en niemand blijft immers altijd hetzelfde. Het leven beschouwen is als kijken door een caleidoscoop, voordurend in beweging, met steeds weer andere onverwachte, felgekleurde constellaties die weer nieuwe emoties oproepen. Wat ons de ene dag tot tranen toe beroert, kan ons de volgende dag laten glimlachen. Niets is veranderlijker dan de mens.

'Men zegt dat mensen niet veranderen,', schrijft de Franse auteur Laurent Binet in zijn bijdrage aan deze bundel, 'dat is natuurlijk onjuist. We veranderen aan één stuk door, we sterven, we worden duizend keer herboren, we leven duizend levens, we veranderen van mening, elke dag, elk uur, elke minuut'. 'Barok' - zo noemt Binet die geestesgesteldheid van de mens die in staat is tot soepelheid en aanpassingsvermogen. Wie een 'barokke' geest heeft, kan zijn wereldbeeld bijstellen met iedere verandering die zich voordoet. De barokke mens is nieuwsgierig, staat open voor het nieuwe en kijkt zonder angst naar het andere, het onbekende. Voor dat soort mensen is het nieuwe 'intellectuele brandstof', zegt Binet, 'mengvorm, mobiliteit, metamorfose, de 3 M's die leiden tot een filosofie van de tolerantie'.

'Wij lachen en huilen om hetzelfde' - dat is het thema dat, ter gelegenheid van de European Literature Night, aan de 12 schrijvers in deze bundel is voorgelegd. Het is het onderwerp uit hoofdstuk 38 van het eerste deel van de Essays van Michel de Montaigne (1533-1592). Hoe te leven? is de kernvraag van het boek dat voor velen nog steeds als de rijkste en persoonlijkste essaybundel uit de wereldliteratuur geldt. Steeds toetst Montaigne zijn eigen opvattingen aan die van schrijvers uit de Oudheid. Antigonus versloeg zijn vijand, koning Pyrrhus, schrijft hij, maar barstte in tranen uit toen zijn zoon hem diens hoofd bracht. Een meisje dat aan de vooravond staat van haar huwelijksnacht huilt als ze haar moeder moet verlaten, ook al is ze nog zo gelukkig. Ons handelen is 'meestal niets anders dan maskerade en geveins', schrijft Montaigne, 'en het zal soms waar zijn dat de erven lachen onder hun masker van tranen'. Toch moeten we erkennen dat 'ons gemoed vaak door uiteenlopende gevoelens wordt geroerd'. Kijk naar mij, zegt hij, de ene keer ben ik koel tegen mijn vrouw, de andere keer liefdevol, maar wie denkt dat ik dat veins, is een dwaas. Al die gevoelens die door ons heen razen zijn, met andere woorden, nooit constant en ieder moment weer anders. Zo is de mens: als het ene gevoel is weggeëbd dient zich meteen weer een nieuwe emotie aan, van de ene rol valt hij in de andere.

De stukken in deze bundel cirkelen allemaal rond dit thema. Soms zijn het verhalen, beschouwingen, dan weer semi-columns of een mengvorm tussen essayistiek, autobiografie en fictie. De Hongaarse schrijfster Krisztina Tóth vertelt hoe ze leeft in de geest van Montaigne. Ze verlaat haar kamer nauwelijks en brengt haar dagen door met lezen en schrijven - trouw aan het adagium van Blaise Pascal dat al het ongeluk van de mens voortkomt uit zijn onvermogen rustig op zijn kamer te blijven zitten. Ze woont 'in een veilig land', schrijft Tóth, een land 'dat in elk opzicht vrij is van excessen, waar de leiders schouder aan schouder strijden voor het publieke belang'. Een inbreker die haar huis binnendringt en uit is op haar goud en sieraden, verzinkt in 'verbijstering' en 'wanhoop' als hij de duizenden boeken in haar huis ziet en ze hem haar goedkope cameraatje aanbiedt. Bij een schrijver, zoveel is duidelijk, is niets te halen.

De Spaanse schrijver en psycholoog Gustavo Martín Garzo put uit de legende die verhaalt waarom zigeuners eeuwig over de wereld moeten zwerven: het was een zigeuner die, tegen het advies van een engel in, de spijkers smeedde waarmee Jezus aan het kruis werd genageld. Sindsdien is de zigeuner op de vlucht, metafoor voor de mens die ertoe veroordeeld is eeuwig over de wereld te zwerven, zonder te weten wat zijn lot is. In dat onrustige bestaan, schrijft Garzo, is er maar één plek die troost biedt: het kamp van de rovers, waar 's nachts verhalen verteld worden bij het licht van het kampvuur, de enige plek waar nog gedroomd kan worden, de plek van de kunst en de literatuur.

De Israëlische auteur Etgar Keret zoekt het in de confrontatie tussen arm en rijk. De hoofdpersoon uit zijn verhaal is een man die 'vele jaren geleden iets had uitgevonden of een uitvinding van iemand anders had gestolen', waardoor hij steenrijk is geworden. Rijk maar wel intens eenzaam. Om mensen naar zich toe te lokken, zet hij zijn fortuin in. Hij zet een advertentie waarin hij mensen oproept hem hun verjaardag te verkopen. Het werkt. Prompt wordt hij iedere dag gefeliciteerd, liefdevol benaderd. Hij krijgt bossen bloemen, cadeautjes en wordt dagelijks vrolijk toegezongen. Om te huilen, zo eenzaam. Om te lachen, zo slim bedacht.

Marja Pruis laat de critica en de romanschrijfster in haar aan het woord. Via de Franse filosoof Finkielkraut en de Canadese schrijfster Rachel Cusk belandt ze bij zichzelf, in een bus. Met een tas vol poëziebundels is ze onderweg naar een literaire avond, ergens in de provincie. 'Iedereen is de gevangene van zijn eigen verhaal', schrijft ze, het verhaal wie hij is, wat hij doet, hoe het met hem gaat'. Zo'n verhaal staat bol van de emoties, van de scharnierpunten die een mens in zijn leven de andere kant op doen gaan, lijkt ze te zeggen. Steeds beland je in een volgende fase, bereik je een volgende mengvorm, doet zich een nieuwe metamorfose voor. Uit een gedicht van Marjoijn Heemstra, Na het feest, citeert ze: 'Schillen moeten we: razendsnel/ uit de partjes kruipen/ voor een nieuwe schil ons vangt' - een mooi beeld voor de metamorfose.

Zo laat een aantal auteurs uit deze bundel zien dat de literatuur een voortdurende estafetteloop is. Van de ene tekst, komt de andere, de nieuwe is gebaseerd op een oudere. 'De hele geschiedenis van de literatuur', schrijft de Italiaanse uitgever en schrijver Roberto Calasso bijvoorbeeld in De droom van Baudelaire, 'kan worden gezien als een sierlijke guirlande van plagiaat'. De Spaanse schrijver Juan Goytisolo heeft het in dit verband over het fenomeen van `pollenisatie': een roman verspreidt als het ware via de wind zijn pollen, zijn sporen en zaden naar andere delen van Europa, waar ze – als bij een kruisbestuiving – nieuwe romanschrijvers beïnvloeden. De oude tekst wordt geïncorporeerd in een nieuwe, het verleden in het heden. Uiteindelijk putten alle auteurs uit recente en oude literaire bronnen, of dat nu de Bijbel is, de Griekse mythen, Shakespeare, Cervantes, Kafka of de Gebroeders Grimm.

Hoe verschillend de bijdragen in deze bundel ook zijn, het individu is en blijft het uitgangspunt. Een humanistisch en traditioneel puur literair uitgangspunt, zou je kunnen zeggen. Het individu neemt per definitie stelling tegenover het collectief, tegen ‘de sociale slaap, tegen het grote beest dat maatschappij heet’, zoals de Franse schrijver en denker Philippe Sollers het eens verwoordde. Juist een schrijver-intellectueel weigert zaken los van elkaar te zien, hij zet mensen niet in hokjes, plakt ze geen etiket op het voorhoofd. Integendeel, hij getuigt van de vrije en open geest waar Laurent Binet in zijn essay aan refereert. Het politieke, het sociale, het historische én het individuele moeten een plek krijgen in een wereldomvattend geheel, in één groot weefsel. De individuele bouwstenen daarvoor leveren - dat doet de literatuur.

In haar resoneren steeds weer de vragen ‘waar komen we vandaan?’ en ‘waar gaan we heen?’ – vragen die ook ten aanzien van Europa dagelijks worden gesteld. Een schrijver vertelt verhalen die je de ogen openen, die je in contact brengen met werelden waar je niets van weet, of waar je alleen clichés over kent. 'In literatuur ben je niet alleen jezelf, maar ook de ander', zei de Turkse auteur Elif Shafak eens. Literatuur laat licht schijnen over gebeurtenissen in heden en verleden en draagt zo bij aan begrip voor de ander, voor de (nieuwe) buren.

In zijn korte verhaal Een beetje honing vertelt het alter ego van de Tsjechische schrijver Jáchym Topol over zijn oude, stervende moeder. Ze ligt in Praag op bed. Vroeger maakte ze met haar zoon wandelingen, 'bijvoorbeeld helemaal naar de Moldau', nu vangt ze lichtstraaltjes, met een klein spiegeltje, 'zo eentje als meisjes hebben als ze hun neus willen poederen'. Haar zoon brengt na een bezoek aan Israël een potje honing voor haar mee, uit Galilea. Ze is er blij mee, ze heeft inmiddels een bijzondere, innige band ontwikkeld 'met Jezus Christus, de Heiland en de Verlosser'. Die vertelt haar mooie dingen. Over hen tweeën. 'Nu glimlacht ze, onbeschrijflijk, deze bijna kokette glimlach in dat vreselijke, oude, toegetakelde gezicht. Ze bloost, als een meisje!' Zijn moeder zal opknappen, dat weet de verteller zeker.

Het zou hilarisch zijn, als het niet zo treurig was.
Margot Dijkgraaf

Margot Dijkgraaf is literatuurcriticus, directeur van Academisch-cultureel Centrum SPUI25 en auteur van o.a. De pen van Europa, interviews met Europese schrijvers.

'De auteurs die in deze kleine, maar kwalitatief uitstekende bundel aan het woord komen, onderzoeken stuk voor stuk de aard van de dubbelzinnigheid van ons gevoelsleven. En daarvoor is de literatuur ook uitgevonden, denk ik; niet om onze emoties te benoemen en er ‘gevoelens’ van te maken, geïnterpreteerde en beredeneerde gewaarwordingen van lust en onlust, maar om te onderzoeken hoe mensen met deze ambivalenties leven. Sterker, het fluctueren van emoties hoort bij de menselijke existentie, omdat verandering ons lot is. ‘Mens zijn is leven in tussenruimtes,’ zegt de Turkse schrijfster Nihan Kaya heel treffend. Dit dunne boekje is een thematische gelegenheidsbundel. Maar juist omdat het gekoppeld is aan een thema en niet uitsluitend aan een gelegenheid, heeft het een duidelijke meerwaarde. Hoe zoeken we onze weg langs gebeurtenissen waarvan we niet weten of we er blij mee moeten zijn of er juist om moeten treuren? De Tsjechische schrijver Jáchym Topol onderzoekt de subtiele nuances van rouw, ergernis en een zekere voldoening als hij vertelt over zijn stervende moeder, een drankzuchtige vrouw die op latere leeftijd Jezus vond. Waarderen we liefde van de anderen? We snakken er allemaal naar, maar als we haar krijgen kan ze ook handel worden. Lees de absurdistische vertelling van Etgar Keret, ‘De verjaardagenkoper’. Deze Israëlische schrijver lijkt mij een kansrijke kandidaat voor opvolging van Jorge Luis Borges. En zo kan iedere lezer zijn ontdekking doen in deze 75 pagina’s over de wankelheid van ons gemoed.' - Nexus Instituut

Bespreking door het Nexus Instituut

Lees de absurdistische vertelling van Etgar Keret, ‘De verjaardagenkoper’. Deze Israëlische schrijver lijkt mij een kansrijke kandidaat voor opvolging van Jorge Luis Borges. En zo kan iedere lezer zijn ontdekking doen in deze 75 pagina’s over de wankelheid van ons gemoed.

Bron: Nexus-Instituut.nl

Aankondiging Nacht van de Europese Literatuur

Op dinsdag 14 mei organiseert voor het derde jaar het samenwerkingsverband van Europese culturele instituten EUNIC een Nacht van de Europese literatuur. Dit keer staat het thema 'De smalle grens tussen vreugde en verdriet bewandeld door twaalf auteurs' centraal. De avond vindt plaats in de Brakke Grond en is volledig engels gesproken.

Bron: BrakkeGrond.nl