BOEKEN

BOEK

Boven is het stil - filmeditie

Boven is het stil - filmeditie

Gerbrand Bakker

Gerbrand Bakkers wereldsucces nu in een meesterlijke verfilming met Jeroen Willems als Helmer, een boerenzoon die van de ene op de andere dag door zijn vader uit de stad wordt gehaald en tussen de koeien wordt gezet.

Boven is het stil is een loflied op de schoonheid van de natuur, een boek over weilanden, water, vogels, ijs in sloten en meertjes, koeien, schapen, twee aardige ezels, en één bonte kraai. Maar in de uitgestrektheid van deze natuur kan men snel in zijn eenzaamheid verdrinken. Daarom is het verhaal van Helmer, boer tegen wil en dank, ook het verhaal van een knagende hunkering naar het onbekende.

Helmer doet zijn vader naar boven; het is tijd om schoon schip te maken. Hij haalt de woonkamer en de voormalige ouderlijke slaapkamer leeg, schildert de boel en koopt nieuwe spullen.

Ooit had hij een tweelingbroer, Henk, de lieveling van zijn vader, degene die de boerderij zou overnemen. Maar van de ene op de andere dag werd Helmer tot opvolger gebombardeerd, door vader uit de stad gehaald en onder de koeien gezet. In het drassige laagland, met alleen het snuiven van de koeien en het gemekker van de schapen die de stilte nu en dan doorbreken, verzorgt hij de dieren en zijn oude vader.

Als de buurman naar Denemarken emigreert, komt Helmer vooralsnog niet verder dan fantaseren over een andere toekomst, misschien in een ander land. Een onverwachte brief en een even onverwacht bezoek maken dat hij zich niet langer kan verstoppen voor de wereld en voor zichzelf.

Gerbrand Bakker is erin geslaagd, bij de lezer prachtige en dubbelzinnige beelden op te roepen, die doen denken aan de film De Poolse bruid. Een magistraal debuut en een beeldend en ontroerend portret van een man temidden van de oer-Hollandse elementen.

Ook verkrijgbaar als eboek

   

Ik heb vader naar boven gedaan. Het bed heb ik uit elkaar gehaald, nadat ik hem in een stoel had gezet. Hij bleef in die stoel zitten als een kalf van een paar minuten oud, nog voor het schoongelikt is; met een ongestuurd wankelend hoofd en ogen die zich nergens aan hechten. Ik heb de dekens, lakens en de molton van het matras gerukt, het matras zelf en de beddenplanken tegen de wand gezet, en het hoofd- en voeteneinde losgeschroefd van de zijkanten. Ik probeerde zoveel mogelijk door mijn mond te ademen. De kamer boven - mijn kamer - had ik al leeggeruimd.
'Wat doe je?' vroeg hij.
'Je gaat verhuizen,' zei ik.
'Ik wil hier blijven.'
'Nee.'

Hij mocht zijn bed houden. Eén helft van het bed is al meer dan tien jaar koud, maar de onbeslapen plek wordt nog steeds bekroond met een kussen. In de kamer boven schroefde ik het bed weer in elkaar, het voeteneinde naar het raam toe. Onder de poten plaatste ik klossen. Ik maakte het bed op met schone lakens en twee schone kussenslopen. Daarna droeg ik vader de trap op. Vanaf het moment dat ik hem uit de stoel haalde, keek hij me aan en hij bleef dat doen tot ik hem in bed legde, en onze gezichten elkaar bijna raakten. 'Ik kan zelf lopen,' zei hij, toen pas.

'Nee, dat kan je niet,' zei ik.
Hij zag dingen door het raam die hij niet verwachtte te zien. 'Ik lig hoog,' zei hij.
'Ja. Zo kun je naar buiten kijken zonder alleen maar lucht te zien.'
Ondanks de nieuwe ruimte en de verschoonde lakens en slopen rook het bedompt, rook hij bedompt en schimmelig. Ik zette een van de twee ramen op het haakje. Buiten was het kraakfris en stil, alleen aan de bovenste takken van de kromme es in de voortuin zaten nog een paar verfrommelde bladeren. Heel in de verte zag ik drie fietsers over de dijk gaan. Als ik een stap opzij had gedaan, had hij de drie fietsers ook kunnen zien. Ik bleef staan waar ik stond.
'Haal de dokter,' zei vader.

'Nee,' antwoordde ik. Ik draaide me om en liep de slaapkamer uit.
Vlak voor de deur dichtviel, riep hij: 'Schapen!'
In zijn voormalige slaapkamer lag een rechthoek stof op de grond, iets kleiner dan de maten van het bed. Ik haalde de slaapkamer leeg. De twee stoelen, de nachtkastjes en de kaptafel van moeder zette ik in de woonkamer. In een hoek van de kamer wurmde ik twee vingers onder de vloerbedekking.

'Niet vastplakken,' hoorde ik moeder zeggen, een eeuwigheid geleden, terwijl vader net door de knieën wilde gaan, met een pot lijm in zijn linker- en een lijmkwast in zijn rechterhand, en wij al haast bedwelmd raakten van de scherpe dampen. 'Niet vastplakken, want over tien jaar wil ik nieuwe vloerbedekking.' De achterkant van het tapijt verkruimelde onder mijn vingers. Ik rolde het op en droeg het door het melklokaal naar buiten, waar ik, midden op het erf, opeens niet wist wat ik ermee aan moest. Ik liet het uit mijn handen vallen, op de plek waar ik stond. Een paar kauwen schrokken van de onverwacht luide klap en vlogen op uit de bomen die langs het erf staan.

Op de vloer van de slaapkamer liggen platen hardboard, met de ruwe kant naar boven. Nadat ik snel de stofzuiger door de kamer had gehaald, zette ik de platen, zonder ze geschuurd te hebben, met een brede platte kwast in de grijze grondverf. Toen ik bezig was met de laatste strook, voor de deur, zag ik de schapen.
Nu zit ik in de keuken, te wachten tot de verf droog is. Dan pas zal ik het sombere schilderij van een koppel zwarte schapen van de muur kunnen halen. Hij wil naar zijn schapen kunnen kijken, dus zal ik een spijker slaan in de wand naast het raam en het schilderij ophangen. De keukendeur staat open en de kamerdeur staat ook open, ik kan het schilderij over de kaptafel en de twee nachtkastjes heen vanaf de plek waar ik zit zien hangen, maar het is zo duister en dof dat ik er, hoe ik ook tuur, geen schapen in kan herkennen.

Het regent en de harde wind heeft de laatste bladeren uit de es geblazen. November is niet kraakfris en stil meer. De ouderlijke slaapkamer is nu mijn slaapkamer. Ik heb de muren en het plafond gewit en de hardboardplaten een tweede laag grondverf gegeven. De stoelen, moeders kaptafel en de twee nachtkastjes heb ik naar boven gebracht. Ik heb een nachtkastje naast het bed van vader gezet en de andere spullen in de lege kamer naast zijn slaapkamer opgeslagen. De slaapkamer van Henk.

De koeien staan al twee dagen binnen. Het is onrustig tijdens het melken. Als de ronde klep aan de bovenkant van de melkwagen open had gestaan, zou vanmorgen de helft van de melk er uitgespoten zijn, als een geiser, zo hard remde de melkrijder voor de opgerolde vloerbedekking die nog steeds midden op het erf ligt. Hij stond zacht in zichzelf te schelden toen ik het melklokaal binnenkwam. Er zijn twee melkrijders, en deze was de oudste, de stuurse. Ik denk dat hij ongeveer van mijn leeftijd is. Nog een paar jaar rijden en dan met pensioen. Mijn nieuwe slaapkamer is, op mijn bed na, helemaal leeg. Ik zal het houtwerk - de plinten, de ramen en de deur - nog een kleur geven.

Misschien dezelfde kleur als de vloer, maar daar ben ik nog niet uit.
Blauwgrijs heb ik in mijn hoofd; de kleur van het IJsselmeer op een zomerdag die bedreigd wordt door grauwe donderkoppen in de verte.

Er kwamen hier, het zal eind juli of begin augustus geweest zijn, twee jongens langs in kano's. Dat gebeurt niet vaak, de officiële kanoroutes lopen niet langs mijn boerderij. Alleen kanoërs die verder willen komen hier. Ze hadden hun bovenlijven ontbloot, het was warm, de spieren in hun armen en schouders glommen in het zonlicht. Ik stond aan de zijkant van het voorhuis, ongezien, en zag dat ze bezig waren elkaar omver te varen. De peddels kletsten tussen de gele plomp in het water. De voorste kano kwam dwars op de vaart te liggen en raakte met de punt vast in de oever. De jongen keek naar mijn plaats. 'Kijk,' zei hij tegen de andere jongen, een rossige knaap met sproeten en roodverbrande schouders, 'deze boerderij, die is tijdloos, het kan hier aan dit weggetje nu zijn, maar net zo goed 1967 of 1930.'

De rossige jongen nam mijn boerderij, de bomen en het stuk land waar de ezels toen stonden aandachtig in zich op. Ik spitste mijn oren. 'Ja,' zei hij, na lange tijd, 'die ezels, die zijn wel ouderwets.'

De jongen in de voorste kano kwam los van de oever en draaide de punt weer in de vaarrichting. Hij zei iets tegen de andere jongen, iets wat ik niet verstond omdat een tureluur druk begon te doen. Een late tureluur, meestal zijn ze eind juli allemaal verdwenen. De rossige jongen ging langzaam achter hem aan, hij bleef naar mijn twee ezels kijken. Ik kon geen kant op, er was niets aan de kale zijkant van het voorhuis waarmee ik bezig kon zijn. Ik stond er onbeweeglijk en hield mijn adem in.

Hij zag me staan. Ik dacht dat hij iets tegen de andere jongen ging zeggen, zijn lippen gingen van elkaar en hij draaide zijn hoofd. Maar hij zei niets. Hij keek en liet me ongezien voor zijn vriend. Even later sloegen ze de Opperwoudervaart in en dreef de uiteengevaren gele plomp weer naar elkaar. Ik liep de weg op om de jongens na te kijken. Na een paar minuten kon ik hun stemmen niet langer horen.

Ik draaide me om en probeerde met hun ogen naar mijn plaats te kijken. '1967,' zei ik zacht, en schudde mijn hoofd. Waarom juist dat jaar? De ene jongen had het jaartal genoemd, de andere, die met de sproeten en de schouders, had het gezien. Het was heel warm die dag, halverwege de middag, bijna tijd om de koeien te gaan halen. Mijn benen voelden onverhoeds zwaar aan en de middag was wezenloos en leeg.


Download het fragment als PDF

'De beelden spreken boekdelen.' - Trouw

'Aangrijpende, ingetogen portretkunst, opgeluisterd door het prachtige acteerwerk van Jeroen Willems.' - Hollywood Reporter

'Een verpletterend optreden van Jeroen Willems.' - Variety

'De filmtaal van regisseur Nanouk Leopold, met haar nadruk op het lichaam, is een bijna volmaakte tegenhanger van Bakkers literaire stijl. Wat de roman zo mooi in woorden onthult zonder dat het ooit wordt gezegd, toont de film in zwijgende blikken en ontwijkend gedrag.' - Filmkrant.nl

Amerikaanse viewing op Nu.nl

De verfilming van het boek Boven is het stil van schrijver Gerbrand Bakker is vanaf 9 januari in New York te zien. De film gaat dan draaien in de Anthology Film Archives, een gezaghebbende instelling die zich inzet voor het behouden en vertonen van onafhankelijke films.

Bron: Nu.nl

Filmrecensie in Die Zeit

Nanouk Leopold hat den Romanerfolg "Oben ist es still" verfilmt. Unter dem nebelgrauen Himmel fällt kaum ein Wort, dennoch wird eine ganze Geschichte vom Sterben erzählt.

Bron: Zeit.de

Filmrecensie op Cineville.nl

In Boven is het stil is de vorig jaar overleden acteur Jeroen Willems in zijn laatste grote rol te zien. Zijn vertolking van de heimelijk homoseksuele boer Helmer is de beste Nederlandse filmrol van de afgelopen jaren, betoogt Joeri Pruys.

Bron: Cineville.nl

Buitenlandse filmprijs op Volkskrant.nl

De verfilming van het boek 'Boven is het stil' van schrijver Gerbrand Bakker heeft de prijs voor beste film gewonnen op de 28ste editie van het Torino GLBT Fimfestival. Het evenement in Turijn, noord-Italië, vertoont films die verhalen vertellen die te maken hebben met homoseksualiteit.

Bron: Volkskrant.nl

Internationale prijs voor Boven is het stil op Nu.nl

De verfilming van het boek Boven is het stil van schrijver Gerbrand Bakker heeft de prijs voor beste film gewonnen op het Festival van Turijn. Dat heeft regisseur Nanouk Leopold dinsdag gemeld.

Bron: Nu.nl

Interview met Nanouk Leopold bij Opium tv

Nanouk Leopold regisseerde de film ‘Boven is het stil’. Martijn Lakemeier speelde daarin de rol van boerenknecht. Ze kwamen samen langs om te vertellen over deze speelfilm. Ook de hoofdrol van de onlangs overleden acteur Jeroen Willems werd besproken.

Bron: AVRO.nl

Filmrecensie op FilmTotaal.nl

Leopold toont ons een feilloze karakterstudie waarbij geen woord of gebaar te veel is. Ze probeert niet Helmers complete omgeving bij zijn innerlijke strijd te betrekken of het milieu waarbinnen hij leeft tot in detail uit te werken. Dit prachtige verfijnde polderdrama doet het treurige besef doorsijpelen dat we aan Jeroen Willems echt een heel groot acteur hebben verloren.

Bron: FilmTotaal.nl

Filmrecensie op FilmVandaag.nl

De Rotterdamse regisseuse Nanouk Leopold brengt in april de boekadaptatie Boven is het Stil (2013) naar de Nederlandse bioscopen, waarin de hoofdrol is weggelegd voor een stugge boer in een plattelandssamenleving. De film pleziert de kijker met rust en symboliek. Spanning- en sensatiezoekers moeten hun heil elders zoeken, want Boven is het Stil is een kunstwerkje in eenvoud, afgezet tegen een decor van koeien en kanten tafelkleedjes.

Bron: FilmVandaag.nl

Bespreking van de film op DeContrabas.com

Mijn streven was om zoveel mogelijk van niets te weten. Ik had het boek niet gelezen. De trailer niet gezien. De persmap ongeopend in mijn tas gestopt. Het enige dat ik wist, was die eerste zin: ‘Ik heb vader naar boven gedaan.’ Een zin die geen roman meer nodig heeft. Een zin die zelf al genoeg te zeggen heeft.

Bron: deContrabas.com

Vermelding première op Nu.nl

De Nederlandse speelfilm Boven is het stil gaat op 24 april in première in de Amsterdamse Stadsschouwburg.

Bron: Nu.nl

Recensie in De Filmkrant

Met de verfilming van de roman Boven is het stil slaat Nanouk Leopold een nieuw pad in, met behoud van haar sterke, observerende stijl.

Bron: Filmkrant.nl

Interview met Nanouk Leopold in De Filmkrant

Nanouk Leopold werd al schrijvende verliefd op Boven is het stil van Gerbrand Bakker, en leverde een ingehouden en zinderende film af, met een happy end bovendien. Vader, zoon en verzoening.

Bron: Filmkrant.nl

Boven is het stil openingsfilm Berlinale

Among the titles just added (of which twelve are world premieres) is also the opening film of the Panorama Special at the Friedrichstadt-Palast. Nanouk Leopold’s Dutch-German co-production Boven is het stil (It’s all so Quiet) gives a good impression of what makes European cinema so extraordinary: being unafraid to look into a person’s soul, to describe the inner prison that we are perpetually struggling to break out of. Brilliant in his last role here is the recently deceased Jeroen Willems.

Bron: Berlinale.de