BOEKEN

BOEK

Weidmanns redding

Weidmanns redding

Stephan Thome

Stephan Thomes met tedere empathie geschreven bericht uit de provincie is als ‘beste roman van het jaar’ bekroond met de prestigieuze Aspekte Literaturpreis in 2010.

Iedere zeven jaar staat Bergenstadt op zijn kop: dan vieren de bewoners ‘Grensgang’, het traditionele driedaagse volksfeest met een rondgang langs de dorpsgrenzen. Ook ’s avonds worden grenzen opgezocht, met bier, cider en braadworst, en met flirten of provoceren. Het hele dorp viert feest.

Des te opvallender is het dat twee mensen zich afzijdig houden: Thomas Weidmann en Kerstin Werner. Zij is midden veertig, gescheiden, heeft een eengezinswoning met rozenperk, zorgt voor haar dementerende moeder en haar puberzoon en weet één ding zeker: dit kan niet alles geweest zijn in het leven ! Hij is een in Berlijn afgeserveerde hogeschooldocent die is teruggekeerd naar zijn geboortegrond en nu als leraar zijn boterham moet verdienen.

Bij de laatste Grensgang, zeven jaar geleden, is tussen Thomas en Kerstin iets voorgevallen waar ze inmiddels met gemengde gevoelens op terugkijken. Maar nu bruist om hen heen het feest, en iets schreeuwt om actie, desnoods om een ongebruikelijke stap. Hoe ver zijn zij bereid te gaan voor hun geluk?

Stephan Thomes met tedere empathie geschreven bericht uit de provincie is als ‘beste roman van het jaar’ bekroond met de prestigieuze Aspekte Literaturpreis in 2010.

‘Je zou eigenlijk eens stil moeten staan, helemaal niets doen en naar je eigen leven moeten kijken, als naar een film over rituelen bij inboorlingen op Papoea-Nieuw-Guinea.’ – Stephan Thome

   

Ondanks alles denkt ze: de tuin is een droom. Vanuit het oosten breken zonnestralen door de ligusterhaag, vlijen zich over de ontluikende bloembedden en nemen bezit van de stammen van berken en kastanjes. De koele, schaduwrijke lucht van de beginnende dag is vervuld van de stilte van kwetterende vogels en zoemende insecten, die alle andere geluiden doet vervagen: het verkeer op de hoofdweg en het geschreeuw van scholieren beneden in het stadje. Een net van witte dauw bedekt het grasland; en waar zonnevlekjes door de bladeren vallen, lost het langzaam op en neemt deel aan het spel van licht en schaduw. Vlinders fladderen om de sering in zijn blauwe aardewerken pot.

In haar ochtendjas staat Kerstin op het terras en drukt haar vingertoppen tegen haar slapen. Een auto komt vanaf het plein met de meiboom de Rehsteig op, rijdt langs haar huis en slaat linksaf het dal in, bijna zonder gas te geven, als een buurtbewoner die de ochtendrust niet wil verstoren. Dan keren stilte en gekwetter terug alsof ze dekking hadden gezocht tussen de hagen en bomen.
In het huis achter haar ruist de waterleiding.

Na het ontbijt en de eerste kop koffie voelt ze zich bijna goed, bijna tegen de dag opgewassen, hoewel ze weer slecht heeft geslapen en de opkomende hoofdpijn – een drukkend gevoel net onder de schedel – pas ’s middags door het werken in de tuin zal verdwijnen. Zonder Imovane laat de slaap haar al om vier uur ’s ochtend los in de vale schemering van een volgende dag, maar nu is het negen uur en Kerstin doet een stap naar voren, ze voelt de aangename warmte van de zon op haar blote enkels. Elke lente komt er een dag waarop ze het gevoel heeft dat de volgende zomer als een grote belofte aanbreekt, haar tegemoetrijdt vanaf de stralend groene bergruggen aan de horizon, en hoewel ze beter weet, laat ze zich betoveren door zijn aanblik en staat machteloos tegenover het geloof dat deze zomer alles beter wordt.

– En waarom niet? zou Anita zeggen. In ieder geval beter dan zelfbeklag.
– Maar wel zelfbedrog.
– Je hoeft alleen maar naar mij te luisteren en eindelijk uit dit gat te verhuizen.

Kerstin laat haar handen zakken en schudt haar hoofd. Misschien is het louter de lange winter op het platteland die haar zo in de zomer doet geloven. Dit jaar heeft er tot in maart sneeuw gelegen en in de hoek tussen de terrasvloer en de muur achter haar zit nog steeds een vochtige streep die een geur van oude kranten verspreidt. En ze kan trouwens niet verhuizen. Ten eerste omdat ze niet weet waarheen, ten tweede vanwege Daniel, ten derde vanwege haar moeder en ten vierde…

Haar blik dwaalt door de tuin en blijft hangen aan de grote heg. Een week geleden hebben de Meinrichs hun kant laten knippen en ze hebben niet nagelaten ‘de buurvrouw’ aan te bieden de opgewekte klussers van de gehandicaptenwerkplaats ook naar de andere kant te sturen. ‘De buurvrouw’ – alsof ze na bijna zeven jaar nog steeds niet zeker zijn van haar naam, alsof er bijvoorbeeld geen bordje hangt naast de deur waarvoor mevrouw Meinrich stond om het aanbod over te brengen. Met dat verwijtende gezicht dat Kerstin eerst nog moest leren begrijpen als een vorm van zorgzaamheid die bij haar leeftijd paste. (Ten vierde tot slot: wat gaat het Anita aan?)

Met een bedankje had ze het aanbod van de hand gewezen onder verwijzing naar haar zoon, die met zijn zestien jaar heel goed in staat was een heg te knippen. Geluksvogel, die u bent! Mevrouw Meinrich Рnors, gepermanent en te opdringerig geparfumeerd Рleunde op haar stok en legde niet nader uit waar het geluk van haar buurvrouw volgens haar in school. Dat Meinrich junior door zijn politieke bliksemcarri̬re in het verre Wiesbaden was beland, kan nauwelijks voor ongeluk doorgaan en daarom weet Kerstin ook achteraf niet hoe oprecht mevrouw Meinrichs opmerking was en wat er nog meer achter kon zitten.


Download het fragment als PDF

'Mooi geschreven en knap gecomponeerde roman. Met veel gevoel voor sfeer en drama geschreven.' - de Volkskrant ****

'Thome schrijft met veel inlevingsvermogen over de beide hoofdpersonen. Soms kruipt hij bijna letterlijk in hun huid. Lof verdient Pauline de Bok, die een eersteklas vertaalprestatie heeft afgeleverd.' - NRC Handelsblad

'Thome beschrijft in elegant, traag proza hoe twee eenzame zielen langzaam naar elkaar toe worden gedreven. Een debuut van hoog niveau. Met Kerstin Werner hebben we er een romanpersonage bij dat we niet snel zullen vergeten.' - De Standaard

‘Betoverend, meeslepend en verleidelijk. En één ding is zeker: hier is een meester aan het werk.’ – Die Welt

'Dit boek leest als een film. De lezer krijgt volop de gelegenheid zich een voorstelling te maken van de beschreven personen, situaties en landschappen. Wat vooral opvalt in dit boek zijn de originele en buitengewoon rake formuleringen van de gedachten van de beide hoofdpersonen.' - Literair Nederland

Bespreking door Mieke van der Weij

Sinds 2005 doceert hij aan de universiteit van Taipei in Taiwan. Met zijn romandebuut Weidmanns redding was hij een van de finalisten voor de Deutsche Buchpreis 2009.

Bron: NCRVGids.nl

Bespreking op LiterairNederland.nl

Dit boek leest als een film. De lezer krijgt volop de gelegenheid zich een voorstelling te maken van de beschreven personen, situaties en landschappen.

Bron: LiterairNederland.nl

Recensie op Volkskrant.nl

Deze mooi geschreven en knap gecomponeerde roman gaat niet over de redding van één persoon. Dat zou wat al te simpel zijn. Nee, Thome beschrijft met veel gevoel voor de psyche van zijn drie hoofdpersonages hoe deze zich uiteindelijk bevrijden uit een deels zelf gekozen, deels opgedrongen isolement.

Bron: Kunst.Volkskrant.nl

bekroond met de Aspekte Literaturpreis 2010