BOEKEN

BOEK

Rokje en de viool

Rokje en de viool

Tristan Egolf

Charlie beseft dat hij van nu af aan met een geheel nieuw probleem geconfronteerd gaat worden.

Iemand die in een slooppand of een tehuis voor daklozen woont, die nu eens in het gezelschap van anarchisten en dan weer van ratten verkeert - zo iemand gelooft er niet meer in dat hij ooit nog eens met huid en haar verliefd kan worden. En toch gebeurt het. Charlie, ex-virtuoos op de viool maar nu op het verkeerde pad, raakt er de kluts volledig bij kwijt.

Er zijn violisten met pech, er zijn chaotische lieden die hun leven niet op orde krijgen - en er is Charlie, die in beide categorieën valt. Hij woont samen met een paar volslagen nitwits in een kraakpand, en hij vormt met de quasi-anarchist Tinsel Greetz een onverslaanbaar team. Tijdens de illegale, maar goedbetaalde rattenjacht in het riool van de rosse buurt vormen ze een hoogst efficiënte mobiele eenheid. Tot ze op een ochtend met een kolossale kater wakker worden in een hotelbed, niet meer wetend hoe ze tussen die luxueuze lakens terecht zijn gekomen - en de riooldesperado's weten evenmin wie dat geweldige stuk is dat in hun kamer staat en vraagt wat ze als ontbijt wensen. Charlie beseft dat hij van nu af aan met een geheel nieuw probleem geconfronteerd gaat worden.

   

Ze hadden me vooraf niks gezegd over de voorstelling. Mijn agent had me niet gebeld. De bond had me niet gewaarschuwd. De coördinator wist waarschijnlijk niet eens van mijn bestaan... Het enige wat ik te horen kreeg was een kort berichtje van Troela Mien: 'Ja, Evans - wil jij je vanavond om acht uur melden bij het Balecroft Civic Center voor een jasje-dasjetoestand...'

Een 'jasje-dasjetoestand' had ze het genoemd. Het woord veroorzaakte paniek. Ik ben verder de hele middag bezig geweest een smoking te organiseren en had er meer last van dat ik slecht voorbereid was dan dat ik van niks wist...

Om twintig over zeven in de metro richting zuid. De ene Merit na de andere, kettingrokend van halte naar halte. Viool op schoot. Geen andere passagiers. Buiten elektriciteitsdraden kris kras op de muur.

Op een gegeven moment wankelde er een zwerver het treinstel in. Hij schopte een bierblikje omver, viel languit neer. De deuren sisten dicht. Het blikje sijpelde leeg. Het bier vormde plasjes in de groeven van de vloermat. Ik keek hoe het wegstroomde toen de metro optrok, tot stilstand kwam bij de rit in de beroete buis, en bij het afremmen naar voren liep, vuil voor zich uit stuwde, nieuw terrein verkende... Ik gaf me over aan de lusteloos trage beweging, even niks, wapenstilstand, een moment van rust...

Langzaam trokken de gebeurtenissen van de week weer aan me voorbij. Wat een vreselijke week was het al met al geweest. Bij het Vuilharmonisch de laan uit gestuurd / baan kwijtgeraakt / ontslag genomen (wat het nou eigenlijk was weet ik niet), voorgespeeld, griep gehad en met de post die ochtend een definitieve ontslagbrief ontvangen, het enige wat ik niet had weten te verknallen, was deze klus via de muziekbond.

Tja, je hebt seizoenen en je hebt seizoenen...
Zoals het nu was, lag leven in een kraakpand voor de hand.

- Als ik Vuilstad ooit levend uit zou komen, zou vast enorme opschepperij volgen - met grote letters op mijn borst: 'Ik heb het gered in de haven der
uitersten.' Daar kon je biljarthallen in Lissabon leeg mee krijgen. Of niet. Nee, eigenlijk - Jezus, wat een week - was het meer: 'Ik heb het gered in het vrijgezellenbestaan.' En zelfs dat was nog maar de vraag...

Een gehavende Timberland bonkte mijn gezichtsveld binnen. Ik schrok op.
Mijn stroompje werd doodgetrapt...

De Timberland bewoog, toonde zich van opzij. Aangeslagen staarde ik naar het ruw afgesleten bovenleer en liet mijn blik omhooggaan - Jezus, dacht ik - en zag een enkelketting, de omgeslagen broekspijpen van gebleekte jeans, een geschaafde knieschijf, een met nikkel beslagen Harley-riem, ring om de bovenarm, een te krap sado-macho-t-shirtje met daarop de met een spuitbus opgebrachte tekst spreek je moerstaal of sterf - tot aan een vetgekuifde, afzichtelijk laf uitziende, witte, ongeschoren puistenkop, compleet met ectomulletkapsel, dolkje als oorbel en benzinepomppetje. En vice versa, voor een algemene indruk: Groeten uit Bleekschetenstad anno 1984.

Met een grijnslach liep hij op een zitplaats af en plofte neer, hand in de zij, elleboog vooruit - kijk mij 'ns... Hij klokte in vier grote slokken het restant van een blikje Schlitz naar binnen, gooide het weg, draaide zich om, boerde uit zijn misvormde, met schuim bedekte vissenbek, vloekte in zichzelf, staarde naar het routeschema, stak met zijn butaanaansteker een peuk aan, wierp een blik op de zwerver, peuterde in zijn neus, knipte het weg, strekte zijn nek, kreunde, snotterde slijm op en vloekte nog een keer...

Met grote ogen van verwondering bleef ik de hele tijd kijken.
Wat konden we nog verwachten, harekrishna's in Gore-tex?

Ik was al van plan hem af te schrijven als nep toen de deur weer werd opengeschoven en er nog drie binnenkwamen. Twee van het mannelijk geslacht, een anderszins. Met een klap zetten ze een fles Old Crow neer. Allemaal zeker tien jaar gedateerd - valse, gemene, harde, nare types...
Ik was ineens vol aandacht, maakte me zorgen.

Oké, hou je gemak - geen reden tot paniek. Hessenaren in Vuilstad. Kan gebeuren...

'Een sensationeel debuut, de opmerkelijkste roman die ik dit jaar heb gelezen.' - Pieter Steinz, NRC Handelsblad

'Rokje en de viool is een hard boek, en tegelijkertijd komisch. Slapstick zelfs, inclusief struikelende obers en rondvliegende diners. Het boek is snel, absurd, grotesk en hip.' - PZC

Bespreking op Hotel-Boekenlust.nl

De half Vietnamese Charlie is violist maar wanneer hij wordt ingezet bij een heavy-metal concert dumpt hij zijn viool bij het vuilnis en trekt hij in een door vlooien en ander gespuis bezet hotel waar hij zijn vriend Tinsel Greetz weer ontmoet.

Bron: Hotel-Boekenlust.nl

Vermelding op NRCBoeken.nl

Dat Egolf minder (commercieel) succes dan Eggers had, moet aan de geringe knuffelbaarheid van zijn roman hebben gelegen; lezers hebben liever een hedendaags weesjongensverhaal dan een rauwe onderdompeling in de wereld van de Amerikaanse white trash.

Bron: NRCBoeken.nl