BOEKEN

BOEK

Het gevoel dat er iets niet klopte

Het gevoel dat er iets niet klopte

Ilka von Zeppelin

Zestig jaar na dato beschrijft Ilka von Zeppelin haar jeugd en de voor een kind verwarrende en vaak onbegrijpelijke gebeurtenissen in de tijd van de nazi's en daarna. Het is vooral door dit perspectief dat deze herinneringen zich van andere onderscheiden en een indringend, aangrijpend verhaal opleveren.

Op een keer stapte een oud echtpaar in. De dame was erg mager en haar handen beefden. Allebei hadden ze een grote, mooie, gele ster op hun jas. Ik wees ernaar en riep heel hard: ‘Mama, mama, ik wil ook zo’n mooie ster!’ Toen gaf mama me een klap en met haar hand hield ze mijn mond zo stevig dicht dat ik van schrik en pijn begon te huilen. Zoiets had ze nog nooit gedaan. Ik wist dat je niet vrijpostig mag zijn en niet naar mensen mag wijzen, maar het was me zomaar ontglipt en ik had het niet met opzet gedaan. Ik huilde nog steeds toen het oude paar uitstapte. De dame liep langs ons, aaide even over mijn haar en zei zachtjes: ‘Die sterren zijn niet mooi, m’n kind, je moet naar de hemel kijken, alleen daar zijn de sterren mooi en echt.’

Op een laconieke toon, die doet denken aan het dagboek Een vrouw in Berlijn, vertelt Ilka von Zeppelin hoe het was om als kind in Berlijn te overleven. Haar vader is een overtuigde nazi en vecht aan het Oostfront. Het gezin blijft in Berlijn, totdat de Führer alle moeders met kinderen opdracht geeft de stad te verlaten.

De familie vertrekt naar een fraaie, grote burcht in het Frankenland, waar grootvader als geleerde temidden van zijn kunst en boeken leeft. Maar waarom weigert hij aanvankelijk zijn geëvacueerde kleinkinderen op te nemen en verbiedt hij ze de Hitlergroet te brengen? Waarom ontvangt hij bezoekers als Hermann Göring en later Robert Kempner, plaatsvervangend hoofdaanklager bij het proces van Neurenberg? En waarom moet de hele familie hongerlijden, terwijl de burcht vol hangt met kunstschatten?

Zestig jaar na dato beschrijft Ilka von Zeppelin met ongehoorde details de voor een kind verwarrende en vaak onbegrijpelijke gebeurtenissen in de tijd van de nazi’s en daarna. Het is mede door dit perspectief dat deze herinneringen zich van andere onderscheiden en een onvergelijkelijk en aangrijpend verhaal opleveren.

   

Mama had alles voorbereid. Voordat we ’s avonds naar bed gingen legden we onze kleren op een net stapeltje, deden er een riem omheen en legden er voor alle zekerheid ook een zakje met droog brood bij. Die spullen moesten altijd op precies dezelfde plaats liggen, zodat we ze, als er luchtalarm was, ook in het donker meteen konden pakken. Ik moest dan mijn broertje Ferdinand van tweeëneenhalf bij de hand nemen, mijn zusje droeg baby Georg in een mandje.

Mijn lievelingspop, die Ursula heette, mocht ik niet meenemen naar de kelder, en ik was bang dat haar iets zou overkomen. Mama’s bevel was duidelijk: ‘Jullie houden ieder je broertje vast en laten hem niet meer los. Als het huis in brand staat en ik misschien onder het puin lig, bekommeren jullie je niet om mij, jullie pakken ieder je broertje en rennen.’

'Zeppelin doorbreekt dat taboe nu en zij geeft het verdriet van de vaak onschuldige kinderen van nationaal-socialisten een plaats. Het gekozen kindperspectief is daarbij uniek en effectief: je krijgt direct sympathie voor het nazimeisje.' - NRC Handelsblad

Recensie op NRCBoeken.nl

Aan het woord is Ilka von Zeppelin, een Duitse vrouw die nu pas haar herinneringen aan de oorlog heeft gepubliceerd.

Bron: NRCBoeken.nl