BOEKEN

BOEK

Een tropische herinnering

Een tropische herinnering

Eric Schneider

Het debuut van een van de laatste ooggetuigen van Nederlands-Indië: Eric Schneiders Een tropische herinnering doet denken aan het beste werk van Hella S. Haasse.

Elke vijf jaar komen de diplomaat Ferdy Aronius, zijn moeder en haar ex-minnaar bij elkaar om de bombardementen op Hiroshima en Nagasaki te ‘vieren’. De verwoestende bommen maakten een einde aan de jappenkampen in Nederlands-Indië, en betekenden tegelijkertijd het einde van een koloniaal tijdperk. In Hotel Hoogduin wordt het drietal tijdens het diner bediend door Boelie Kamidjojo. De oude Mees Stork worstelt met de herinneringen die ‘de beige man’ in hem oproept en blijft hem bevelen toeschreeuwen, die de zwijgzame Boelie schijnbaar onaangedaan opvolgt.

Naarmate de avond vordert, neemt de eerlijkheid van het gezelschap toe. Voor het eerst komt de schokkende waarheid over het gewelddadige verleden van Nederlands-Indië op tafel en praat Ferdy over zijn jong overleden broer. In Een tropische herinnering worden gebeurtenissen opgehaald die het heden nog steeds blijken te bepalen.

Ook verkrijgbaar als eboek

   

Ferdy Aronius, diplomaat en hoogste vertegenwoordiger van zijn vaderland in Angola, probeert op zo’n zeven kilometer hoogte, achterovergeleund in de businessclass van een Lufthansa-toestel richting Frankfurt, van waar hij door zal reizen naar Amsterdam, de slaap te vatten, in de wetenschap dat dat niet direct zal lukken, ondanks de drie whisky’s die hij tamelijk snel achterover heeft geslagen op het vliegveld en de plaid die de zorgzame steward over hem heeft uitgespreid: hij voelt dat dit jubileumjaar zal verschillen van de voorgaande, waarin volgens de traditie op de zesde en negende augustus de ondergang van de steden Hiroshima en Nagasaki wordt gevierd, in Hotel Hoogduin aan de Noordzee.

Een zekere onrust had zich al een paar dagen geleden in z’n hart genesteld en de lichte stotter waar hij van jongs af aan mee behept is leek meer dan ooit hoorbaar, waar Lili Oltman, zijn secretaresse, hem op attendeerde, een beetje lacherig maar vooral nieuwsgierig. Zij weet van zijn vliegangst, de grote handicap voor een diplomaat, maar deze keer leek haar meer aan de hand te zijn, en zij vroeg ernaar zonder een duidelijk antwoord te krijgen. Hijzelf vroeg zich tot de dag van het vertrek af wat die onrust teweeg kon brengen.

Zijn vader zou er niet meer bij zijn, iets wat eerder een bevrijding dan een beklemming zou moeten zijn. Tot zijn dood, pas een halfjaar geleden, was Ferdy slachtoffer geweest van diens denigrerende opmerkingen, over zijn werk in ‘die islamitische landen’, zijn ongetrouwd-zijn, zijn afvalligheid, waarvoor God hem strafte met die aanhoudende stotter. Hij huivert als hij aan zijn vaders sterven terugdenkt, in dat christelijke verzorgingstehuis in Den Haag, samen met die hardop biddende ouderling.

Iedere keer als hij binnenkwam in de sterfkamer, na een sigaret gerookt te hebben in het dagverblijf van de instelling, stamelde zijn vader dat hij maar niet begreep dat Dieudonné niet aan z’n bed zat. Dan draaide hij er maar niet omheen door te herhalen dat zijn broer dood was, al vijfenveertig jaar dood was. De ouderling maakte daar handig gebruik van door de dominee te garanderen dat zijn oudste zoon daar boven in de hemel op hem stond te wachten: ‘Eens gegeven blijft gegeven, nietwaar?’ Dan kreunde z’n vader even.

Er was niet veel meer van de beroemde dominee over die voor de oorlog in Batavia zijn gemeenteleden huisbezoeken bracht per Harley Davidson, wat hem de naam ‘het vliegend Evangelie’ opleverde; zijn reusachtige, veel te dikke vader was in de loop van een jaar gereduceerd tot een uit het nest gevallen vogeltje, hijgerig, koortsig, met halfopen ogen die zich eindelijk na een korte reutel voor altijd sloten. Niet lang daarna belde hij z’n moeder in haar serviceflat om haar de dood van haar man mee te delen. Zonder een woord had ze weer opgehangen.

Direct daarna probeerde hij haar opnieuw te bereiken, maar toen was ze in geprek. Toen hij Mees Stork vervolgens belde om z’n vaders einde te melden was ook hij in gesprek. Zacht, alsof hij hen had afgeluisterd, legde hij de hoorn weer op de haak. Toen was hij ineens in tranen uitgebarsten, in de kamer van de directrice van het tehuis, die onmiddellijk thee liet aanrukken en hem trachtte te troosten. ‘Met wat?’ dacht hij. ‘Ze moest eens weten hoe weinig hij voor de dode voelde!’ Waarom hij dan zo huilde kon hij niet precies benoemen, maar dat hij zich verlaten voelde herinnert hij zich nog goed.

De laatste keer dat hij zijn moeder en haar ex-minnaar gezien had was op de begrafenis van de dominee in een halfvolle kerk in Den Haag. Hardnekkige gelovigen waren na zijn korte speech naar hem toe gekomen om zijn hand iets te lang vast te houden, zodat hij niet zou omvallen van ouderdom: er waren mannen bij die samen met zijn vader de Birma Road hadden overleefd. Iedere avond was hij hen in gebed voorgegaan wanneer het duister over de jungle viel; menige stakker had hij de ogen dichtgedrukt. ‘Uw vader was eigenlijk een heilige,’ meenden de overlevenden, steunend op wandelstokken, of hangend in hun wagentjes. Toen hij zijn moeder zocht, zag hij haar de kerk uit lopen en in een taxi stappen.

‘Op de vlucht voor die danse macabre,’ zei ze zelf later. Mees Stork daarentegen haalde met kennissen herinneringen op, met de handen aan de oren en steunend op elkaar, aan Batavia, aan de feestjes op de soos, of in zijn hotel, tot diep in de nacht, waarna alle kamers bezet waren! Bij die laatste herinnering werd nadrukkelijk geknipoogd. Mees’ rijsttafels waren beroemd geweest in de hele archipel. Mees zelf werd een ‘womanizer’ genoemd, berucht en benijd! Hij leek waarachtig jonger dan de tachtig die hij al was gepasseerd, tot ook hij moeite had met opstaan van de harde kerkbanken, zijn gevallen wandelstok wilde oprapen, dat moest opgeven en hulpeloos om zich heen begon te kijken.

Bij het begin van de dienst was hij aan de arm van een jongeman als laatste de kerk binnengekomen; zijn begeleider trok zich daarna terug in een van de zijbeuken, voor Ferdy duidelijk zichtbaar, als een chauffeur die ieder moment geroepen kon worden. ‘Boelie!’ galmde het dan ook door de kerk en de jongeman zette zich snel in beweging om Mees Stork van dienst te zijn, lenig, grijnzend bij het aanreiken van de wandelstok en hoed, met gespeelde onderdanigheid, ten slotte zijn arm ophoudend om de hijgende, wankele grijsaard naar de hotelauto te leiden.

Ferdy probeert zich de jongeman in details te herinneren: slank, lange ledematen, volmaakt gekleed en gekapt, grote bruine ogen, iets platte maar toch fijne neus, grote mond met kleine hagelwitte tanden, blauwig tandvlees, nauwelijks baardgroei en een huidskleur zoals alleen Javanen die kunnen hebben: delicaat beige.

Goed dat hij de man zo helder voor zich ziet, zodat hij hem dadelijk kan herkennen op Schiphol: een week geleden was de ambassade opgebeld met de mededeling dat meneer de ambassadeur opgehaald kon worden door Boelie Kamidjojo, als datum, tijd en vluchtnummer doorgegeven werden aan de directie van Hotel Hoogduin, Nederland. Lili Oltman had attent gereageerd, na fluisterend te hebben geïnformeerd of de naam Boelie Kamidjojo Ferdy iets zei. ‘Niet veel, maar het is oké, Lili,’ had hij lachend geantwoord, na een blik op haar bezorgde gezichtje: welke relaties hij had was niet haar zaak, zeker niet wat voor relaties.

Lili Oltman realiseerde zich trouwens best dat zijn interesses op een ander vlak lagen, eventueel een hellend vlak. Maar hoewel hij de vijftig ruim gepasseerd was, die kinderlijke ogen van hem en dat ontroerende stottertje deden altijd tedere gevoelens bij haar opkomen. Als hij weer eens een weekend onvindbaar was en de eerste secretaris automatisch de ambassade voor zijn rekening nam, namen haar fantasieën een hoge vlucht.

Vaak verraste hij haar daarna met een bloemetje, bonbons, of een duur etentje, dingen die mannen doen met ongeruste moeders; dan werden zij samen meestal dronken, zaten hand in hand buiten op een bank, turend naar de sterren van het zuidelijk halfrond, waar meestal de posten lagen waar BZ hem heen stuurde en Lili Oltman als first lady de honneurs waarnam op onberispelijke wijze.

Zijn gedachten worden plotseling ruw onderbroken door duidelijk voelbare trillingen van het vliegtuig. Fasten Seatbelts licht felrood op. De zorgzame steward steekt zijn hoofd om het gordijntje. ‘Can I help you, sir? With your seatbelt, sir? Don’t worry, just very bad weather, sir,’ ratelt hij terwijl hij snel en handig Ferdy onder de plaid omarmt om de veiligheidsgordel te vinden en te sluiten. Ferdy ruikt de geur van zweet en aftershave en zoekt schichtig de ogen van de knaap.

‘Sorry sir, I am in a hurry, sir, you know.’ Hij zet Ferdy’s stoelleuning recht en verdwijnt – wat moet die knul in zijn blik herkend hebben? Een ongepast voorstel? Vastgebonden op kilometers hoogte, als een treurige sadomasochist? Zag hij die stijgende paniek dan niet in zijn ogen? Als in een grote schommelende wieg, volkomen klemgezet, stijgt z’n angst naar een hysterische hoogte, waarop hij alleen nog piepgeluiden weet voort te brengen, als een bang kind.


Download het fragment als PDF

'Schneider weet anderhalf uur lang een spanningsboog vast te houden' - de Volkskrant **** over het theaterstuk Moesson

'Wat een boeiend boek! Eric Schneider schrijft zijn prachtige verhalen onderkoeld, maar weet juist daardoor diepe emoties op te wekken.' – Willem Nijholt

'In tijden waar alles ‘bigger, faster, stronger’ moet zijn, getuigt het van erg grote moed van zowel schrijver als uitgeverij om naar buiten te komen met een klein boekje, zeker als het ook nog eens een debuut betreft. En laat dat nu net zijn wat Eric Schneider en uitgeverij Cossee hebben gedaan met dit prachtige werkstuk, ‘Een tropische herinnering’. Heel veel respect dus voor deze dappere keuze. Te meer omdat het ons een inkijk geeft in het koloniale verleden van Nederland en ook nog eens buitengewoon goed geschreven blijkt te zijn. En u krijgt ook nog eens 2 verhalen voorgeschoteld. In schitterend proza, vol prachtige zinnen waar geen woord te veel in staat, ontvouwt Schneider zijn verhaal. Het is een verhaal dat vraagt om herlezen te worden, keer op keer, zo vernuftig passen de puzzelstukjes in elkaar. Wat de schrijver hier aflevert is een huzarenstukje. De opbouw, de cadans, alles zit perfect. Eric Schneider verrast dus door op, zonder oneerbiedig te willen klinken, hoogbejaarde leeftijd te debuteren met een boek dat er toe doet, waar de urgentie van afspat en dat verpakt is in een levendige taal die uitnodigt tot herlezen. Misschien wel de beste novelle die we dit jaar zullen lezen. En nu maar hopen dat de schrijver nog meer zulks moois te bieden heeft. Wij zijn in ieder geval fan.' - CuttingEdge.nl ****

Een tropische herinnering doet onweerstaanbaar denken aan Fellini. Schneider wint je voor zich met een ingetogen en gevoelige verteltrant.’ – Het Parool ***

'Een tropische herinnering brengt de echo's van de broers Eric en Carel Jan Schneider (F. Springer) samen.' – Telegraaf ***

'De novellen van Eric Schneider kunnen zo de planken op. Zet drie mensen en een Javaanse bediende in een verlaten hotel en je hebt een klassiek toneelstuk. Schneider weet de sfeer van verleden en heden goed op te roepen.' – de Volkskrant ***

'Twee novelles zijn het, beeldschone verhalen. Eric Schneider schrijft alsof hij op het toneel staat: beeldend met prachtige dialogen. Hij trekt de lezer zijn verhalen in. Erg goed en erg ontroerend. Ik ben onder de indruk en geef een 9,5.' - Marleen Janssen

'Maar wat een verrassing: er is een nieuwe Schneider opgestaan. Jongere broer Eric Schneider, bekend als acteur, debuteerde onlangs op 79-jarige leeftijd met Een tropische herinnering (Uitgeverij Cossee). Twee novellen, waarvan de eerste -De beige man- zo de schatkamer van de Indische letteren binnen mag. De toon van Eric Scheider doet in een aantal  opzichten denken aan die van zijn broer F. Springer. Onderkoeld (kleine woorden voor grote gevoelens), ironisch en vol subtiele humor. Maar er zijn voldoende verschillen  in schrijfstijl om van een eigen geluid te spreken. Hopelijk blijft het niet bij dit ene boek.' – Boekennieuws.nl

'De auteur heeft een ingehouden stijl van schrijven die de lezer in het verhaal gevangen houdt.' – NBD|Biblion

Theaterstuk Moesson van Eric Schneider in DeLaMar

Toneelkanonnen Bram van der Vlugt, Kitty Courbois en Thom Hoffman in indrukwekkende voorstelling over ons Indische verleden. Elk jaar komen de diplomaat Ferdy Aronius, zijn moeder en haar vroegere geliefde Mees Stork bij elkaar om de bombardementen op Hiroshima en Nagasaki te 'vieren'. De verwoestende bommen maakten een einde aan de Japanse bezetting van Nederlands-Indië en markeerden tegelijkertijd het einde van het koloniale tijdperk, de mooiste tijd van hun leven. De drank vloeit rijkelijk en naarmate de avond vordert, neemt de openhartigheid van het gezelschap toe. Voor het eerst komt de schokkende waarheid over de dood van de broer van Ferdy op tafel, met grote consequenties voor de banden tussen de drie personen.

Bron: DeLaMar.nl

Interview met Eric Schneider op Lezen.tv

In de debuutroman van acteur Eric Schneider (79) vieren de hoofdpersonen iedere vijf jaar de verwoesting van Hiroshima en Nagasaki door het geweld atoombommen. Ze overleefden de Japanse interneringskampen tijdens WO II en delen een gruwelijk geheim. (22 minuten)

Bron: Lezen.tv

Boek van de Week door Marleen Janssen voor Libelle

Twee novelles zijn het, beeldschone verhalen. Vooral de eerste: Beige man. Over een volwassen zoon (57) die met zijn moeder en haar ex-minnaar het einde van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië herdenkt.

Bron: Marleensboekvandeweek.nl

Bespreking op CuttingEdge.nl

In tijden waar alles ‘bigger, faster, stronger’ moet zijn, getuigt het van erg grote moed van zowel schrijver als uitgeverij om naar buiten te komen met een klein boekje, zeker als het ook nog eens een debuut betreft. En laat dat nu net zijn wat Eric Schneider en uitgeverij Cossee hebben gedaan met dit prachtige werkstuk, ‘Een tropische herinnering’. Heel veel respect dus voor deze dappere keuze. Te meer omdat het ons een inkijk geeft in het koloniale verleden van Nederland en ook nog eens buitengewoon goed geschreven blijkt te zijn. En u krijgt ook nog eens 2 verhalen voorgeschoteld.

Bron: CuttingEdge.nl

Recensie op LiterairNederland.nl

Duidelijk is hoe dit meedogenloze afschminken van een oude acteur Eric Schneider, zelf bijna tachtig jaar, bezighoudt. Het was ook al eens het onderwerp in zijn voorstelling Nocturne in 2009.

Bron: LiterairNederland.nl

Interview met Eric en Beau Schneider bij RTL Boulevard

Bijzondere tijden voor GTST-acteur Beau Schneider. De acteur staat op dit moment samen op de planken met zijn vader in het toneelstuk Levenslang Theater. De twee leren elkaar door en door kennen.

Bron: RTLNieuws.nl

Bespreking op Boekennieuws.nl

Wat een verrassing: er is een nieuwe Schneider opgestaan. Jongere broer Eric Schneider, bekend als acteur, debuteerde onlangs op 79-jarige leeftijd met Een tropische herinnering (Uitgeverij Cossee). Twee novellen, waarvan de eerste -De beige man- zo de schatkamer van de Indische letteren binnen mag. De toon van Eric Scheider doet in een aantal opzichten denken aan die van zijn broer F. Springer. Onderkoeld (kleine woorden voor grote gevoelens), ironisch en vol subtiele humor. Maar er zijn voldoende verschillen in schrijfstijl om van een eigen geluid te spreken. Hopelijk blijft het niet bij dit ene boek.

Bron: Boekennieuws.nl

Recensie op Volkskrant.nl

Eric Schneider (Batavia, 1943) is niet alleen een bekend regisseur en een bekroond acteur, die onder andere de rol van prins Bernhard vertolkte, hij is ook de jongere broer van wijlen Carel Jan, diplomaat van beroep maar vooral bekend als de schrijver F. Springer (1932-2011).

Bron: Volkskrant.nl

Eric Schneider bij Andersdenkenden

Acteur, regisseur, toneelschrijver en beeldend kunstenaar Eric Schneider is deze zondag te gast in de wekelijkse interviewrubriek Andersdenkenden. Presentator Gerard Klaasen spreekt met Schneider onder andere over diens nieuwe boek Een tropische herinnering (2013).

Bron: RKK.nl

Eric Schneider bij Dit is de dag

Acteur Eric Schneider - hij speelde Faust, Hamlet en prins Bernhard - schreef 'Een tropische herinnering' over zijn jeugd in Nederlands-Indië. Hoe beleeft hij de Indiëherdenking vandaag?

Bron: EO.nl

Eric Schneider bij Kunststof Radio

Hij speelde in totaal 165 rollen en wordt door critici de grand old man van het Nederlandse toneel genoemd. Eric Schneider schreef als een van de laatste ooggetuigen van Nederlands-Indië Een tropische herinnering dat meteen zijn debuut is als schrijver. Ondertussen is hij samen met zijn zoon Beau Schneider druk met repeteren voor de voorstelling ‘Levenslang theater’ van David Mamet.

Bron: NTR.nl

Voorpublicatie op Athenaeum.nl

Op 15 augustus debuteert acteur en regisseur Eric Schneider op 79-jarige leeftijd met de roman Een tropische herinnering. Wij publiceren voor uit het derde hoofdstuk: "Voor wat voor feest eigenlijk? Hiroshima? Nagasaki? Vrede? Bevrijding? We hebben niets overleefd. We zitten er nog middenin. We zijn helemaal niet vrij. Iedere dag stikken we meer en meer in onze herinneringen. Ieder voor zich. Niet samen. Niet elkaar troostend."

Bron: Athenaeum.nl

Kort verhaal op Boekennieuws.nl

Hoe ouder je wordt, hoe vaker je terugdenkt aan een steeds vroeger verleden. Het is een normaal verschijnsel, het terug-schrijven ervan is minder algemeen, prachtige uitzonderingen daargelaten. Verspreid over de wereldliteratuur van eeuwen, van Goethe tot Proust; Strindberg tot Vestdijk, et cetera. Dichtung und Wahrheit gaan hand in hand, beïnvloeden elkaar tot iets fascinerends. Mijn oudste broer, de schrijver F. Springer, meende dat “een Indische jeugd de mooiste jeugd is die een mens kan hebben” en hij bedoelde daarmee die van voor de Tweede Wereldoorlog, op Java. Hij was overigens niet de enige Nederlandse auteur die er zo over dacht: los-raken van de Indische archipel door de tijd of wat dan ook, was nog erger dan het Paradise Lost-gevoel wat op andere gebieden schrijvers kon inspireren.

Bron: Boekennieuws.nl